http://www.mapuche.nl/
 
juni.
25 2005

25 juni 2005
Wetripantu in Nederland (Ruigoord).

Het begon met een vraag van Rafael Railaf, namens de Mapuche stichting Folil
Het begon met een vraag van Rafael Railaf, namens de Mapuche stichting Folil, of wij een beeldhouwer kenden die een Chemamul (beeld van de mens) zou kunnen maken voor de Wetripantu (nieuwjaarsceremonie) van de Mapuche Indianen. Deze ceremonie zou voor het eerst buiten het Mapuche-gebied hier in Nederland plaats vinden.
Ook andere Indianen die in Europa wonen werden voor de Wetripantu uitgenodigd.
Omdat deze mensen hier wonen, zocht Rafael een kunstenaar die in staat was om een verbinding te maken tussen de cultuur hier en de oospronkelijke Mapuche traditie. Via Bert van der Sluys werd Liesje Smolders gevonden en met haar ook een (voorlopig) beeld.

Dan was er nog de andere vraag:
Wij werden uitgenodigd om aan de viering deel te nemen door, na het voorgebed in het Mapundugun (taal van de Mapuches), in onze eigen taal wensen voor de toekomst uit te spreken en afscheid te nemen van het verleden door het verleden en onze voorouders te bedanken. Het was niet de bedoeling om toeschouwer te zijn, maar om mee te doen.
Daar ontstond bij mij een leemte: Van het beeld om voor te bidden had onze traditie al afscheid genomen, en van de traditie om te bidden hadden wij zelf afscheid genomen. Dus werd voor mij de vraag: hoe, en met welke woorden kunnen we meedoen?
De Chemamul, zei Maria, stelt geen god voor maar symboliseert onze voorouders.
In hun aanwezigheid spreken wij dat gebed over verleden en toekomst uit.
Daarmee verdween mijn probleem met het beeld.
Voor de woorden vroegen we mensen om ons heen: wat zouden jullie zeggen of bidden? Het was een boeidende vraag. Iedereen was zich er van bewust dat we het leven krijgen en doorgeven, maar we hebben er nauwelijk ceremonies voor of heilige woorden.

Ruigoord wordt op de aanwijsborden niet meer aangegeven. We vinden het door het kerktorentje dat uitsteekt boven de bomen achter een dijk. Het blijkt een gespaarde plek te zijn op de industrievlakte Westpoort, bijna opgeslokt door een nieuwe containerhaven voor Amsterdam. De haven is een flop. Containerkranen staan werkloos aan de horizon. Maar in de lucht is er voortdurend gebulder van opstijgende vliegtuigen van Schiphol.
In het kerkje is een Aboriginal festival met dideridoo-concerten aan de gang.

De Wetripantu zelf lijkt een aarzelend begin dat steeds behoedzaam beschermd wordt.
Wel of niet fotograferen, geen media aandacht, onderzoekers worden niet toegelaten… Het voelt als een heilig geheim, dat niet mag worden misbruikt.
En zo, op een open stille plek tussen wuivend riet en met houtmolm op de grond, staat voor een bosje acacia's het houten beeld uit een stuk: een mens die via een spiegel achter zich kijkt, met voor zich tussen de knieën een nog lege vorm van een kleine nieuwe mens.
Niet in een cirkel maar in rijen dansen wij op de muziek van versierde trutruka's. Sterke Mapuche vrouwen dansen in traditionele kleren met kleurige linten in het zwarte haar. Voor de Chemamul sprenkelt de Lonko (voorganger) helder water met een groene twijg op de grond. Achter de Chemamul twee vlaggen, wit en donkerblauw die vastgemaakt in de bosjes wapperen en met de wind mee bewegen. Terwijl het gezang van Rafael Railaf Caniu in het korte gebed bijna wegsterft, antwoorden wij instemmend met Oioioioi en sprenkelen het heldere water van onze twijgen op de aarde…. voor het nieuwe begin.

Daarna is er eten dat op doeken op de grond is uitgespreid; bij dat beeld, bij die bosjes, met de verzamelde takjes en uitgedeelde pitten van de grote Araukania boom uit Chili.

Jan Buwalda, met de groeten van Dicky.
Overzicht van enkele teksten gevonden voor de Wetipantu



Van Dicky:

Wat een prachtig oord
waar ik hier sta
wat een lucht
waarna ik kijk
wat heerlijk dat ik
zomaar
tussen allerlei soorten mensen ben.

Dank Mamma, Pappa
Oma's, Opa's en onbekenden daarvoor.
Dank, dat ik hier mag staan
in dit prachtige oord

-------------------------------------------
Van Navajo-indianen:

In het huis van lang leven – droom ik
In het huis van geluk – dwaal ik
Schoonheid voor mij – waarmee ik dwaal
Schoonheid achter mij – waarmee ik dwaal
Schoonheid boven mij – waarmee ik dwaal
Schoonheid om mij heen – waarmee ik dwaal
Voorttrekkend in ouderdom – dwaal ik er mee
Op uw prachtige pad waar ik ben –
dwaal ik er mee.

-------------------------------------------

Van Eskimo – indianen:

Het landschap rondom mijn woning
is mooier
vanaf de dag
toen mij gegeven werd te zien
gezichten die ik nooit eerder zag.
Alles is mooier
Alles is mooier
Leven is dankbaarheid
Deze, mijn gasten
maken mijn huis groots.

-------------------------------------------

Van Huub Oosterhuis:

OM VREDE

Veel te laat heb ik jou lief gekregen
schoonheid wat ben je oud wat ben je nieuw
- - - -
Binnen in mij was je, ik was buiten
en ik zocht jou als een ziende blinde buiten mij,
en uitgestort als water liep ik van jou weg
en liep verloren tussen zoveel schoonheid die niet jij is.

Veel te laat heb ik jou lief gekregen
schoonheid wat ben je oud wat ben je nieuw
- - - -
Toen heb jij geroepen en geschreeuwd,
door mijn doofheid ben je heengebroken.
Oogverblindend ben jij opgedaagd
om mijn blindheid op de vlucht te jagen.

Geuren deed jij en ik haalde adem,
nog snak ik naar adem en naar jou.
Proeven deed ik jou en sindsdien dorst ik, honger ik naar jou.
Mij, lichtgeraakte, heb jij doen ontbranden.
En nu brand ik lichterlaaie naar jou toe, om vrede.

Veel te laat heb ik jou lief gekregen
schoonheid wat ben je oud wat ben je nieuw.
- - -
melodie Antoine Oomen


uitgetypt door Jan Busstra
na een gesprek met ons op 24 juni 2005
voorafgaand aan de Wetripantru van de Mapuche Indianen op Ruigoord
over oude en nieuwe schoonheid.