http://www.mapuche.nl/
 
jan
05
2002

05.01.2002
MAPUCHE STUDENTEN IN TEMUCO
Mapuche Stichting | FOLIL -

Gloria Caniluen Toro, is één van de 6 managers in het studentenhuis “Hogar y Centro desarollo sociocultural Mapuche (Gemeenschap voor de sociaal-culturele ontwikkeling van Mapuches)” in Temuco. Gloria houdt zich bezig met het welzijn van de ongeveer 120 bewoners, allen Mapuches. “Studentenhuizen zijn erg belangrijk voor Mapuches. Zij komen uit kleine gesloten gemeenschappen en het kan voor sommigen een cultuur-shock opleveren wanneer zij in de stad gaan studeren. Bovendien zijn de Mapuches de afgelopen jaren steeds armer geworden. Het wonen in een studentenhuis maakt het leven minder duur en daarmee worden de families ontlast.”

Gloria Caniluen Toro

“In de jaren ’70 zijn nagenoeg alle studentenhuizen gesloten. Pas in de jaren ’90 zijn ze weer open gegaan en begonnen studentenorganisaties zich weer te ontwikkelen. Ons huis was een geschenk van een lonko, een leider binnen de Mapuche-gemeenschap. Hij heeft het huis in de jaren ’40 geschonken aan een organisatie voor de ontwikkeling van de indianen genaamd INDAP (Instituto Nacional Desarollo Indigena). De INDAP heeft het huis echter jaren leeg laten staan en in 1997 hebben wij gevraagd of wij het huis mochten bewonen. De INDAP heeft ons voor 4 jaar toestemming gegeven. Wij hebben vervolgens zelf het hele pand opgeknapt en subsidie aangevraagd bij de CONADI (Corporacion Nacional de Desarollo Indigena). De CONADI is een overheidsorgaan die is ingesteld naar aanleiding van de “Ley Indigena (Indianenwet)“ en heeft als taak de culturele ontwikkeling van de inheemse bevolking in Chili te beschermen en te faciliteren. De CONADI betaalt voor ons water, licht en elektriciteit en geeft aan de individuele studenten een studietoelage. Het probleem van CONADI is echter dat zij per jaar bekijken of zij wel voldoende budget hebben om ons te steunen. Tot dusver was dat budget toereikend, maar in de toekomst kan de mogelijkheid bestaan dat wij geen geld meer krijgen. Een toekomst die bovendien voor ons onzeker is gelet op de recente gebeurtenissen.

Wij kregen rond oktober van dit jaar van de INDAP te horen dat zij ons pand wilden sluiten. De vier jaren waren voorbij en zij wilden het pand, dat zij daarvoor jaren hadden verwaarloosd, ineens een andere bestemming geven. Het huis zou worden gesloten op 31 december 2001. Hoewel INDAP natuurlijk de mogelijkheid heeft om het pand terug te eisen, vonden wij dit, gelet op de omstandigheden rondom de sluiting, niet aanvaardbaar. In de eerste plaats is het huis erg belangrijk voor onze Mapuche-identiteit. Het is een cultureel centrum waar wij onze eigen taal kunnen spreken. Daarnaast was de vervangende woonruimte die INDAP ons had aangeboden onvoldoende om aan alle huidige bewoners onderdak te verschaffen. De belangrijkste reden echter waarom wij niet akkoord konden gaan was dat wij de sluiting zien als een politieke daad. Er zijn op dit moment veel problemen met Mapuches in onze regio en de overheid is dan ook liever een Mapuche-centrum in het hart van de stad kwijt dan rijk.”

Het probleem van de Mapuches heeft alles te maken met land. De Mapuches, “mensen van het land”, hebben hun oorspronkelijke woongebied tussen de Bío Bío-rivier en het eiland Chiloe. Nadat zij in 1883 werden ingelijfd bij de Chileense Republiek werd hun grondgebied drastisch ingeperkt. De Mapuches werden toegewezen aan reducciones (reservaten) en een gemiddeld Mapuche-familie had nog slechts 6,1 hectare, veelal onvruchtbare grond, tot haar beschikking. Het overige land werd door de Chileense staat verkocht. Rijke kolonisten verwierven op deze wijze enorme landerijen. Begin jaren zestig bezaten de grootgrondbezitters bijna tachtig procent van de totale landbouwgrond. Onder de regering Frei, halverwege de jaren ’60, kwam hier echter verandering in. De regering Frei bepaalde dat grootgrondbezit onteigend kon worden als het groter was dan 80 hectare of wanneer het verlaten of slecht geëxploiteerd was.

Onder de regering Allende werd deze politiek van landhervormingen versneld doorgezet, waardoor hij veel aanhang kreeg onder de Mapuches. Na de staatsgreep van 11 september 1973 werden de landhervormingen grotendeels ongedaan gemaakt. Meer dan de helft van de onteigende grond werd geheel of gedeeltelijk teruggegeven aan de voormalige eigenaren en de Mapuches werden vanwege hun steun aan Allende het slachtoffer van ernstige repressie. Meer dan 100 Mapuches zijn onder het regime van Pinochet verdwenen. Het officiële regerings-standpunt tijdens de dictatuur was zelfs dat er in Chili geen Mapuches bestonden, enkel Chilenen. Deze politiek van verplichte assimilatie vond zijn hoogtepunt in decreet 2568 dat in 1979 van kracht werd. Collectief grondbezit, een centraal punt in de Mapuche-cultuur, werd afgeschaft en vervangen door particulier grondbezit. De opdeling van de reservaten in individuele stukken had voor veel Mapuches het verlies van hun grond tot gevolg. Wanneer Mapuches nog wel een stuk grond bezaten dan was dit veelal te klein om in hun levensonderhoud te kunnen voorzien. Voor veel Mapuches was het enige alternatief het uitwijken naar de steden waar zij onder aan de maatschappelijke ladder staan en te maken hebben met achterstelling en discriminatie. Het is niet ongebruikelijk dat Mapuches hun naam wijzigen in een Chileense naam en er van af zien hun kinderen het spreken van Mapundungun te leren, teneinde hen een grotere kans op sociale stijging te geven.

De laatste jaren echter komen de regeringen meer tegemoet aan de inheemse bevolking. In 1993 is de zogenaamde “Ley Indigena”(Indianenwet) van kracht geworden. Deze wet herstelt het recht op collectief grondbezit en voor het eerst in de Chileense geschiedenis wordt erkend dat Chili een multi-etnische samenleving is. Ook voorziet de Indianenwet in teruggave van delen van het oorspronkelijke grondgebied van de Mapuches. In de praktijk komt hier echter nog weinig van terecht. Grootschalige ontwikkelingsprojecten, veelal opgestart onder het regime Pinochet, vinden plaats op de aan de Mapuches toegezegde gebieden. Wegen worden aangelegd, elektriciteitscentrales worden gebouwd en bosbouwbedrijven brengen grote schade toe aan grond en water van de Mapuches. De Mapuches, aanvankelijk hoopvol gestemd, raken hierdoor verbitterd maar blijven weerstand bieden. Demonstraties, hongerstakingen, blokkades en gewelddadige acties zoals brandstichting en sabotages zijn bijna dagelijks in het nieuws. De overheid treedt hier hard tegen op. Als actievoerders, veelal op basis van valse beschuldigingen, worden aangehouden betekent dit voor hen een onzekere toekomst. Zij hebben geen toegang tot passende juridische hulp omdat zij dit niet kunnen bekostigen en er zijn maar weinig advocaten die zich vrijwillig voor de Mapuches in willen zetten. Een militarisering van het “Mapuche-conflict” lijkt op handen.

“Omdat wij een duidelijk verband zien tussen de huidige situatie van de Mapuches en de sluiting van ons studentenhuis hebben wij besloten om actie te gaan ondernemen.Te meer omdat wij, via een niet-officiële weg, hebben vernomen dat de reden voor de sluiting was dat de overheid van mening is dat ons studentenhuis, vanwege onze banden met de verschillende Mapuche-gemeenschappen in de regio, onrust zou kunnen veroorzaken. Daarom hebben wij in Temuco mensen gemobiliseerd, zowel Mapuches als niet-Mapuches. Wij hebben verschillende demonstraties gehouden. Twee keer hebben we de kerk bezet, maar toen dit niets bleek op te leveren zijn uiteindelijk twaalf bewoners in hongerstaking gegaan. Zij verbleven acht dagen in de kerk van Temuco. Dankzij bemiddeling van de bisschop van Temuco hebben wij nu weten te bewerkstelligen dat ons huis niet zal worden gesloten. Maar onder welke uiteindelijke voorwaarden is op dit moment nog niet duidelijk."